Ben je in havo 3 of vwo 3? Test hier welke vakken bij elk profiel horen en stel je eigen pakket samen. Gewoon om te ontdekken wat bij je past — dit is geen officiële keuze.
Je bent analytisch en houdt van exacte vakken. Je vindt het leuk om technische problemen op te lossen en bent geïnteresseerd in hoe dingen werken.
Deze vakken zijn verplicht binnen Natuur & Techniek
⚠️ Let op
Niet elk keuzevak is even bekend. Hier vind je een korte uitleg.
In dit vak bestudeer je hoe de Nederlandse samenleving is opgebouwd en werkt. Denk aan onderwerpen als armoede, criminaliteit, integratie, politiek en de verzorgingsstaat. Je leert hoe maatschappelijke vraagstukken ontstaan en hoe overheden en burgers daarop reageren.
Je leert hoe computers en software werken en hoe je zelf problemen oplost met behulp van programmeren. Aan bod komen algoritmes, datastructuren, databases en het bouwen van eigen programma's. Handig voor wie later iets met techniek, data of ICT wil doen.
O&O draait om het ontwerpen en onderzoeken van technische oplossingen voor echte problemen. Je werkt projectmatig aan uitdagingen op het gebied van techniek en natuurkunde, en leert ontwerpen, testen en presenteren. Een praktisch profielvak voor wie techniek leuk vindt.
Hier leer je wat het betekent om een eigen bedrijf te runnen. Je bedenkt een product of dienst, onderzoekt de markt, maakt een businessplan en verkoopt daadwerkelijk. Het vak combineert economie, marketing en praktisch ondernemerschap.
BSM gaat over de rol van sport en bewegen in de maatschappij. Je verdiept je in sportgedrag, gezondheid, sportpsychologie en hoe sport bijdraagt aan maatschappelijke doelen. Theorie wordt afgewisseld met praktijklessen. Leuk voor wie geïnteresseerd is in sport, gezondheid of sociaal werk.
Wiskunde A is gericht op het toepassen van wiskunde in het dagelijks leven en in maatschappelijke en economische situaties. Aan bod komen statistiek, kansrekening, procenten, lineaire verbanden en financiële rekenkunde. Het is minder abstract dan wiskunde B en sluit goed aan bij studies in economie, sociale wetenschappen en gezondheid.
Wiskunde B is abstracter en gaat dieper in op de exacte wiskunde. Je leert over differentiaal- en integraalrekenen, analytische meetkunde, goniometrie en complexe formules. Wiskunde B is vereist voor technische en bèta-studies zoals werktuigbouwkunde, natuurkunde, informatica en geneeskunde.
Kort gezegd: Wiskunde A is toepassingsgericht (rekenen met cijfers en verbanden uit de praktijk), Wiskunde B is theoregericht (exacte, abstracte wiskunde). Twijfel je tussen een bèta- of technische studie? Kies dan B. Ga je richting economie, maatschappij of zorg, dan volstaat A vaak ook.
Wiskunde C wordt alleen op het VWO aangeboden en alleen binnen het profiel Cultuur & Maatschappij. Je volgt de eerste 1,5 jaar het programma van Wiskunde A, waarna je kunt overstappen naar een meer praktische, minder abstracte variant. Het vak bereidt voor op studies waarbij exacte wiskunde geen harde eis is, zoals taal, cultuur, geschiedenis en communicatie.
Wiskunde D is een extra keuzevak dat alleen gekozen mag worden in combinatie met Wiskunde B. Je gaat dieper de exacte wiskunde in dan in B alleen — denk aan meer differentiaalvergelijkingen, complexe getallen en matrixrekenen. Het is nuttig voor wie later een zwaar bèta-studie wil doen (zoals wiskunde, natuurkunde of techniek) en zich extra wilt voorbereiden.
Kunst beeldende vakken (bijv. beeldende vorming, tekenen of handvaardigheid) draait om het maken en begrijpen van kunst en vormgeving. Je werkt aan je eigen ontwerpen, schilderijen, sculpturen of digitale kunst en leert kijken naar kunst uit heden en verleden. Geschikt voor leerlingen die graag creatief bezig zijn en met hun handen of ogen willen werken. Sluit goed aan op studies in kunst, design, architectuur en media.
Paars = verplichte profielvakken · Groen = eigen keuze · Grijs = gemeenschappelijk